Laat het VNG-casco links liggen

Laat het VNG-casco links liggenVNG-casco

Vanuit Curaçao over het omgevingsplan schrijven is een vreemde gewaarwording. Regelen we in Nederland niet te veel? Maken we ons niet veel te druk over de kleinste dingen die ‘mogelijk gaan gebeuren’? Check, check, double check… alles meten. Aan de andere kant zie je op Curaçao wat er gebeurt als de overheid vrijwel niets regelt. Spontane bouwsels en amper openbare ruimte, laat staan onderhoud ervan.

Die tegenstelling relativeert enorm, maar roept ook vragen op. Wat is ook alweer het doel van het omgevingsplan: toch om iets te verbeteren? Wij zien de weg naar het omgevingsplan als een reis en de ervaringen (ook mislukkingen) willen we graag met je delen.

Eerst de juridische basis dan de techniekIs dit niet old school denken? Een omgevingsplan is in de basis een juridisch instrument, hoe je het ook went of keert. Zonder juridische samenhang kan de praktijk er niet mee uit de voeten, of het nu een handhaver is, een bouwplantoetser of de Raad van State. Het rechtszekerheidsbeginsel bijvoorbeeld is erg belangrijk voor de praktijk. Het basis-uitgangspunt voor een omgevingsplan moet zijn: duidelijkheid geven voor de praktijk:

  • Wat is toegelaten op een bepaalde locatie of niet? Wat mag ik daar?
  • Wat mag er gebouwd worden? Onder welke voorwaarden?

Dit zijn hele basale vragen, voor mensen die hun huis willen verbouwen, ondernemers die ergens een bedrijf willen beginnen of wie dan ook. Dat verandert niet door de Omgevingswet, of het nu bestemming heet, activiteit of functie.

Zelf een basis-casco voor de gemeente maken is veel werk, maar het is een investering voor de lange termijn die ook voor jou als medewerker bij een gemeente veel oplevert, heel veel. Ook wij lopen soms de mist in, of lopen een donker steegje in. Durf fouten te maken!

Terug naar de basis:

  • een omgevingsplan is een juridisch instrument
  • digitalisering moet gemak opleveren voor de mens en niet zorgen voor extra werk of complexiteit
  • praktisch uitvoerbare regels: de handhaver, bouwplantoetser of Raad van State moeten er ook mee kunnen werken, niet alleen de burger.
  • De huidige TPOD’s en Handleidingen van de VNG zijn gemaakt voor aansluiting op het DSO (de techniek) en zijn ontworpen voor het gemak van de burger. Mooi uitgangspunt, maar vergeet niet de praktijk van de gemeente, advocaten of rechters.

Wij vinden: aansluiting op het DSO-LV is heel belangrijk, maar mag niet de juridische basis uitgangspunten ondermijnen. Vrijwel niemand denkt hier aan.

Neem niet klakkeloos het VNG-casco over – Een casco moet zorgen voor een goed juridisch basisontwerp. Het is een belangrijke kapstok voor de opbouw van het nieuwe omgevingsplan. Zoals de VNG zelf ook aangeeft is hun casco illustratief. Het is geen blauwdruk. Lees het door, laat je inspireren, maar neem dit niet klakkeloos over. De samenhang in activiteiten in het casco is ver te zoeken. De activiteiten zijn losgeknipt en de samenhang ontbreekt. Samenhang vinden is moeilijk, maar ozo belangrijk voor de praktijk!

Maak als gemeente je eigen start-omgevingsplan

  • maak als gemeente je eigen casco (start-omgevingsplan), hulp inschakelen is prima, maar besteed niet alles uit;
  • zeg nou eerlijk, het is toch niet leuk om alleen stedenbouwkundige bureaus te controleren en zelf aan de zijkant te staan?
  • zelfredzaamheid is voor een gemeente nog belangrijker geworden: je werk wordt hierdoor ook stukken leuker.

In 6 stappen een start-omgevingsplan

Maak een vliegende start met het nieuwe omgevingsplan!

Je herkent dit vast wel…

  • je hebt amper tijd voor de Omgevingswet, laat staan voor het omgevingsplan.
  • Door het reguliere werk kom je er gewoonweg niet aan toe.
  • Er is zoveel informatie beschikbaar, je weet niet waar te beginnen.
  • Alles uitbesteden aan een bureau is ook niet alles… hulp bij een goede basis is wel fijn.

Het kan echt anders:

  • je bespaart veel tijd, alle voorwerk wordt door ons gedaan.
  • Op maat gesneden start-omgevingsplan voor de gemeente, afgeleverd in software.
  • Kennisinvestering voor RO-medewerkers, zoals juristen en planologen.
  • Via een platform 24/7 toegang tot alle informatie en onderbouwing over de opbouw van het omgevingsplan.

Bel 010 – 307 2273 voor meer informatie of mail.

juridisch casco omgevingsplan 3 tips

juridisch casco omgevingsplan
gehele Omgevingswet

Juridisch casco omgevingsplan 3 praktijktips

Hopelijk wordt de nieuwe datum voor de inwerkingtreding van de Omgevingswet 1 januari 2023. Het ICT-gedeelte is nog lang niet af. Het is belangrijk om te beseffen dat de ontwerpgedachte achter de motorkap van de Omgevingswet vooral ICT-gedreven is. Dit terwijl een omgevingsplan een juridisch document is. De ICT-wereld en juridische wereld kunnen flink botsen met elkaar! Het is belangrijk om je dat bij het ontwerp voor het basiscasco te realiseren.

Naar een juridisch samenhangend basiscasco omgevingsplan We hebben toch het VNG-casco als voorbeeld? Een goed basiscasco moet juridisch goed in elkaar zitten. Zonder juridische samenhang en basis uitgangspunten kan de praktijk er niet mee werken. Het rechtszekerheidsbeginsel is een van de belangrijkste uitgangspunten. Ook moet de gemeente regels kunnen handhaven. De huidige TPOD’s en voorbeelden in handreikingen zijn vooral ontworpen voor het ICT-gedeelte. Dat is belangrijk, maar het ICT-gedeelte mag niet leidend zijn voor de opbouw van het omgevingsplan. Het omgevingsplan dient uiteindelijk gebruiksgemak op te leveren voor alle gebruikers. Het huidige gevaar zit vooral in het ontbreken van het totaaloverzicht, samenhang en het losraken van de dagelijkse complexe realiteit bij de gemeente. Die is immers weerbarstig en vol met grijstinten. De dagelijkse realiteit is niet zwart/wit en simpel.

TIP 1 Neem niet klakkeloos het casco van de VNG-over – Een casco zorgt voor een basisstructuur. Het is een denkkader en een kapstok voor de opbouw van het omgevingsplan. Zoals de VNG zelf ook aangeeft in hun casco, zijn de regels in die structuur illustratief. Het gaat niet om modelbepalingen. Je kunt er inspiratie aan ontlenen, maar neem dit niet zo maar over. De samenhang is ver te zoeken. Het basis uitgangspunt voor een omgevingsplan moet zijn dat het duidelijkheid biedt voor de praktijk: wat is er toegelaten op een bepaalde locatie? Hoe hoog mag een gebouw zijn? Onder welke voorwaarden? In de praktijk spelen vaak hele basale vragen. Dit verandert niet door de Omgevingswet, of het nu bestemming heet zoals in een bestemmingsplan, activiteit of functie. Een begrijpelijke indeling vormt een belangrijke basis om te kunnen voldoen aan de doelstellingen van de Omgevingswet. Daar is veel denkwerk voor nodig. Onderschat dit niet en neem zelf de regie!

TIP 2 – Neem het rechtszekerheidsbeginsel als uitgangspunt – In Chw-plannen is door veel gemeenten geoefend om alvast te werken met de mogelijkheden van de Omgevingswet. In deze plannen staan vaak ‘zachte regels’ en ‘open normen’ opgenomen. Dit om doelen van de Omgevingswet na te streven met soms verwijzingen naar beleidsregels. Dit klinkt heel mooi. De Raad van State maakt er echter korte metten mee in bijvoorbeeld een uitspraak van 27 oktober 2021. Rechtszekerheid is ontzettend belangrijk voor de praktijk. Hou er dus rekening mee bij het ontwerpen van het casco!

TIP 3 – Deregulering is mooi, maar niet altijd realistisch – Deregulering valt toe te juichen, hoe minder regels hoe beter. We willen allemaal eenvoud. Vraag je altijd wel af waarom de betreffende regel is opgesteld in het verleden. Met welke doelstelling en geldt die nog steeds? Dit geldt ook voor de eenvoud van een op het oog prettig uitziend casco. Het mag geen cosmetische operatie worden. Het doel dient te zijn: een begrijpelijk en juridisch samenhangend omgevingsplan dat rechtszekerheid biedt. Dit laatste wordt ontzettend onderschat.

Heb je geen tijd voor een goed basis-casco? Vraag je je af hoe te beginnen? Bel 010 – 307 2273 of mail naar contact@omgevingsplanonline.nl voor meer informatie.

Wij, ervaren omgevingsjuristen, ontlasten gemeenten bij de praktische invoering van een start-omgevingsplan. We zijn praktische denkers en doeners. Op basis van praktijkervaringen weten we met welke praktische obstakels de gemeente moet dealen. Wat we doen:

  • doorlichten tijdelijk omgevingsplan
  • maken van een goed en samenhangend juridisch basis-casco voor het omgevingsplan
  • alle afstemming en overleg met gemeentelijke medewerkers, omgevingsdienst en gemeentebestuur
  • opstellen regels voor het nieuwe omgevingsplan (basisset regels voor omgevingsplan in software).

Meer informatie nodig? Bel 010 – 307 2273.

Van 50%-omgevingsvisie naar omgevingsplan – 5 tips

Van 50%-omgevingsvisie naar omgevingsplan – begin met een cascocasco omgevingsplan

Wat te doen als de gemeente nog geen begin gemaakt heeft met een Omgevingsvisie? De weg naar een bruikbare omgevingsvisie is lang. Het is nieuw en complex om alle lagen en gebieden van een gemeente te integreren. We hebben allemaal de neiging de tot dusverre gemaakte ruimtelijke plannen in elkaar te schuiven en er een soort van structuurvisie van te maken. Heel begrijpelijk, omdat we gewend zijn plannen en visies te maken vanuit een ruimtelijke insteek. Op grond van de Omgevingswet (Ow) moeten we echter een andere aanpak volgen. Dit is gemakkelijker gezegd dan gedaan. Vanuit onze eigen praktijkervaringen kunnen we het volgende zeggen, maak eerst een casco voor de Omgevingsvisie. Dat wil overigens niet zeggen dat dit dé route is, er zijn vele wegen die naar Rome leiden!

Stap 1 Benoem de maatschappelijke ontwikkelingen en opgaven in en voor Nederland – Een casco/inhoudsopgave – of hoe je het ook wil noemen – zorgt voor een basisstructuur: een kapstok. Op deze basis kun je gaandeweg het proces steeds terug vallen. De eerste vragen die gesteld moeten worden zijn:

  • welke maatschappelijke ontwikkelingen en opgaven bestaan er in Nederland voor de fysieke leefomgeving? Denk hierbij aan doelen over de energietransitie of bijvoorbeeld de bouw van 1 miljoen woningen. Benoem deze zo concreet mogelijk.
  • welke doelen volgen er uit de Omgevingswet? Zie artikel 2.1 Ow. Benoem ze en zet deze onder elkaar.

Stap 2 Welke opgaven zijn er regionaal en op basis van bestaand gemeentelijk beleid? Ook hier geldt, beschrijf deze zo helder mogelijk en zet deze onder elkaar. Dit is handig voor het overzicht. Dit hoeft niet uitputtend te zijn. Het kan later aangevuld of verwijderd worden.

Zet deze antwoorden bovenaan. Op basis hiervan gaat de trechter naar beneden en komen we toe aan de volgende stap.

Stap 3 Keuzes gemeente – welke keuzes maakt de gemeente op basis van voornoemde stappen? Is er bijvoorbeeld ruimte binnen de gemeente om nieuwe woningen te bouwen, gezien de opgave van 1 miljoen woningen per jaar? Welke concrete stappen wil de gemeente zetten in de energietransitie? Wordt er gekozen voor zonne-akkers of alleen zonnepanelen op daken? Het kan van alles zijn, maar maak keuzes. Deze keuzes zijn ook relevant voor de raad. Beschrijf ze dus zo concreet mogelijk. 

Stap 3A Gebieden binnen gemeente – welke gebieden kunnen onderscheiden worden binnen de gemeente? Benoem ze en zet ze onder elkaar. De keuzes die gemaakt zijn in stap 3 moeten straks door middel van het omgevingsplan landen in de gebieden.

Stap 3B Thema’s – Benoem hier de thema’s uit de Ow, zoals energietransitie, gezondheid, klimaat, enzovoorts. Stel hier ook vragen bij. Bijvoorbeeld, wat kan de gemeente doen in het fysieke leefdomein om gezondheid te bevorderen? Bijvoorbeeld meer fiets- en wandelpaden aanleggen? Geluidbelasting in sommige gebieden verlagen? Het kan van alles zijn, benoem ze allemaal.

Tussen de gebieden en de gekozen thema’s bestaat een wisselwerking.

Stap 4 Leg de thema’s over de gebieden – Doe dit spelenderwijs met behulp van kalkpapier. Op deze manier zie je op hoofdlijnen de keuzes die gemaakt zijn en de gebieden waarin ze uitgerold moeten worden. Sommige thema’s zullen van toepassing zijn in de hele gemeente. Je kunt zo ook al werkingsgebieden maken die je weer kunt gebruiken bij het omgevingsplan. Op basis van deze hoofdlijnen kunnen de thema’s verder uitgewerkt worden. Loop je vast? Ga dan weer terug naar de kapstok.

Stap 5 Kapstok Omgevingsvisie – Het resultaat van alle stappen is uiteindelijk een basiscasco of kapstok voor de uit te werken Omgevingsvisie. Op basis van deze kapstok kan er ook een casco gemaakt worden voor het omgevingsplan. Hier zit namelijk samenhang in. Je kunt geen casco voor het omgevingsplan maken zonder eerst hoofdlijnen op papier te  hebben van de omgevingsvisie. Een basisset regels zonder gemaakte keuzes is nutteloos. Je hebt daar in de praktijk niets aan. Neem dus niet klakkeloos het basiscasco van de VNG over. Zoals de VNG zelf ook aangeeft is het een hulpmiddel maar geen blauwdruk!

Uiteindelijk kan er op hoofdlijnen een 50%-Omgevingsvisie door de raad worden vastgesteld. Op basis van dit raamwerk wordt er vervolgens toegewerkt naar een complete Omgevingsvisie. Door het op te knippen wordt het inzichtelijker en ook haalbaar. Besef dat het een lange weg is vol hobbels. Het is wel een erg leuke puzzel om te maken. Vooral omdat er met zoveel verschillende mensen aan gewerkt wordt, elk met eigen inzichten en achtergrond.

Bel voor vragen of meer informatie 010 – 307 2273 of vul onderstaand formulier in. 

Omgevingsplan maken is voor juristen heel eng!

Omgevingsplan maken is voor juristen heel eng!

Ja, geef maar toe! Als jurist ben je een perfectionist. Je blijft maar slijpen aan punten en komma’s in teksten, formuleringen bijwerken, uitspraken erbij zoeken, enzovoorts. Eindeloos. Bang om fouten te maken en afgerekend te worden door klanten of nog erger: de Raad van State. Als je regels voor een omgevingsplan wil maken, bijvoorbeeld een basiscasco met regels moet vullen voor een omgevingsplan, begeef je je op glad ijs. Je bent aan het leren, aan het oefenen en je maakt fouten. Heel eng! Hoe ga je daar mee om? Ik geef als jurist toe dat het een langzaam proces is. Al enige jaren volg ik regelmatig modules bij bouwkunde en stedenbouwkundige opleidingen. Ik vind leren erg leuk en belangrijk. Je komt er ook achter dat je ook heel veel niet weet en dat dat helemaal niet erg is. Als je open staat voor kritiek – ook heel moeilijk – en meningen van anderen of nieuwe leerstof gaat opnemen, gaat de wereld er heel anders uitzien: je begeeft je op onbekend terrein en dat maakt onzeker. Maar het wordt ook veel leuker! Op deze manier ben ik twee jaar geleden ook begonnen met de reis van de Omgevingswet. omgevingsplan maken

De ontdekkingstocht van de Omgevingswet is een grote reis met veel onzekerheden. Dit geldt ook voor het maken van een omgevingsplan. Bijvoorbeeld bij het ontwerpen van regels en het vullen van een casco bij een omgevingsplan voor een gemeente. Alles staat op zijn kop: je neemt je ervaring uiteraard mee, maar de werkwijze van de Omgevingswet (Ow) en het DSO is anders dan je gewend bent. Ik zie de Ow als een groot ICT-project waar op den duur steeds minder mankracht voor nodig is. Vooral ‘old school’ juristen zijn gewend aan papier, pdf-jes en ruimtelijkeplannen.nl. Ook via dat laatste kunnen we alle regels van het betreffende bestemmingsplan zien (en controleren). Ook de herzieningen. Veel stedenbouwkundige bureaus werken ook in ruimtelijkeplannen.nl met pdfjes, vaak toelichtingen. Toelichtingen van bestemmingsplannen vinden juristen ook heel belangrijk: de kaartjes moeten perfect zijn, de regelafstand, titels van paragrafen, enzovoorts. Dat alles moet je nu loslaten! Ook voor juristen bij gemeenten is die rol erg wennen, gewend als ze zijn om plannen van stedenbouwkundige bureaus te controleren op vaak futiliteiten. Zelf iets maken is namelijk iets heel anders dan een ander beoordelen en aan de zijkant staan.

Het DSO is eigenlijk een grote ICT-bibliotheek waar van alles inhangt wat voor het menselijke oog niet zichtbaar is. Simpel gezegd: met het invullen van vragenbomen kan de initiatiefnemer straks op het scherm in één oogopslag zien wat voor de betreffende locatie geldt. Voor een jurist een grote blackbox. Hoe kun je meedoen als jurist? Door nu al op een laagdrempelige manier te oefenen met het maken van teksten voor regels voor een omgevingsplan. Begin voor jezelf met een klein gebiedje, pak een rol kalkpapier bij je stedenbouwkundige collega’s en trek een lijn om het betreffende gebied. Zo, het begin is er! Nu ga je allerlei vragen op een rijtje zetten: wat wil de gemeente op grote lijnen in dit gebied? Nieuwe ontwikkelingen of behoud van het huidige gebied? Wat voor gebied is het? Is er beleid voor dit gebied? Wat geven de geldende bestemmingsplannen aan? Zet dit in hoofdlijnen op papier.

Het hoeft niet perfect te zijn. Creativiteit en spelen staan voorop. Alles staat open! Gek? Helemaal niet, juristen zijn het alleen niet gewend, angst voor fouten. Pak het casco van de VNG erbij als basis. Hier kun je van alles aan veranderen: het is geen blauwdruk, maar een goede basis om als jurist mee te beginnen. Zijn er grote verschillen in het gebied? In welk opzicht? Vervolgens maak je verschillende regels en hang je die onder werkingsgebieden. Die werkingsgebieden teken je ook op papier en oefen. Gooi weg of ga ermee door. Door elke dag iets te doen, bij te schaven en fouten te maken op een laagdrempelige manier kom je erachter hoe leuk het is en ga je de onderliggende systematiek beter begrijpen. Ga niet alleen handreikingen lezen of MvT-en, maar ga ook tekenen. Een werkingsgebied teken je zo en je hangt er wat regels onder. Door in laagjes te werken en het kalkpapier over elkaar te leggen, kom je er achter hoe het in principe ook werkt in het DSO. Klinkt ongeloofwaardig of onprofessioneel? Ga het eens uitproberen, durf fouten te maken, laat je perfectionisme los en geniet en leer elke dag bij. Je werk wordt een stuk leuker!