Biobased bouwen en de Omgevingswet

Biobased bouwen en de Omgevingswet

Bij biobased bouwen wordt gebruik gemaakt van natuurlijk gegroeide materialen zoals hout, riet, zeewier en stro. Omdat deze materialen ‘bijgroeien’ wordt uitputting van grondstoffen tegengegaan. In de Strategische verkenning ‘Biobased bouwen’ wordt hier uitgebreid op ingegaan. Vanuit de doelen die in de Nationale Omgevingsvisie staan moet dit leiden tot een snellere verduurzaming van de bouw. De uitdaging is hoe dit te implementeren! Kunnen gemeenten bijvoorbeeld in bepaalde gebieden ‘bio-based’-voorschriften in omgevingsplannen opnemen om biobased bouwen te verplichten? Of is stimulering door subsidies een betere manier?

Lees deze interessante verkenning!

Ontwerpbesluit Uitvoering Crisis- en herstelwet ter inzage

Ontwerpbesluit Uitvoering Crisis- en herstelwet ter inzage

In aanloop tot de inwerkingtreding van de Omgevingswet per 1 januari 2021 krijgen Provinciale Staten van de provincies de mogelijkheid alsnog een verordening vast te stellen met een verbrede reikwijdte.

Het betekent in feite een verbreding van het huidige criterium ‘een goede ruimtelijke ordening’ naar een ‘een goede fysieke leefomgeving’, in artikel 4.1, eerste lid Wro. Op zich is dit vooruitlopen op de Omgevingswet begrijpelijk, omdat veel provincies al ‘gereed’ zijn om met de Omgevingswet te werken. Voor provincies is het echter eenvoudiger dan gemeenten. Provincies staan – op zich goed – met meer afstand van de dagelijkse praktijk. De invulling van ‘een goede fysieke leefomgeving’ is voor gemeenten veel ingewikkelder, te meer omdat zij ook in praktische zin er mee moeten omgaan. De plannen die bij gemeenten binnenkomen kun je vooraf niet altijd bedenken op de tekentafel. Die zijn niet altijd in regels te vatten.

Meer informatie over het ontwerpbesluit Crisis- en herstelwet. Tevens de aanbiedingsbrief met meer informatie.

Bericht: 3 november 2020

Groene buitenruimte is van levensbelang

Groene buitenruimte is van levensbelang

Hoe belangrijk groene openbare ruimte is, is wel bewezen tijdens de lockdownperiode. Vooral bewoners van grote steden zullen dit beamen. Groene buitenruimtes zijn essentieel als plek om elkaar nog te kunnen ontmoeten, om mensen te zien, voor een wandeling of een rondje hardlopen. Ruimte waar we in de pre-Corona periode wellicht onverschillig over dachten of dat het ons niet eens opviel. Ik denk dat het sowieso belangrijk is, om de waarde van publieke ruimtes eens te gaan waarderen.

Tijd voor herbezinning – Willen we nog wonen in dichtbevolkte, binnenstedelijke wijken, hutje-mutje op elkaar? Op plekken waar een hoge verdichting geldt? Hoewel geen stad in Nederland te vergelijken is met New York, loopt die stad momenteel leeg. Wie wil er nog in een hoge wolkenkrabber of hoog appartementengebouw wonen, waar je appartement alleen met een lift toegankelijk is? Ik denk dat het voor gemeenten belangrijk is om hier eens over na te denken voor de lange termijn. Dus geen korte termijn denken – ad hoc – over zoveel mogelijk financieel rendement, maar een beleid waar de gezondheid van mensen centraal staat:

  • het buitengebied meer de stad intrekken: meer verbindingen op fiets- en loopafstand
  • een omgeving die mensen triggert te bewegen
  • gebouwen zonder liften (uitzondering voor gehandicapten)
  • gebouwen met een buiten=binnen klimaat

Nog meer inspirerende voorbeelden zijn te vinden in de Blauwe Kamer, 3, 2020.

Participatie leidt alleen maar tot vertraging in bouw

Participatie leidt alleen maar tot vertraging in bouw

Participatie‘ is hèt woord dat de laatste tijd voorkomt in allerlei beleidsstukken en dat ook populair is bij gemeentebestuurders. Anticiperend op de Omgevingswet zijn er al gemeenten die voor de kleinste plannen participatie eisen. Een nieuw bijgebouw op een groot kwekerijterrein? Wat vinden de buren ervan? Dit soort participatie werkt alleen maar vertragend en wekt irritatie op bij initiatiefnemers. De afstanden zijn ruim en we hoeven ook niet voor alles toestemming te vragen van de buren toch? We slaan hier door.

Bestuurders die roepen dat het allemaal sneller moet! Ze voelen de druk om meer woningen te bouwen in kortere tijd. Aan de andere kant worden er ook allerlei vertragingen in planologische en bestuurlijke procedures gefietst die erg veel vertraging veroorzaken: gekmakende participatie!

Op zich is het goed om je buren vooraf te informeren over plannen die impact kunnen hebben op hun uitzicht of bijvoorbeeld tijdelijk overlast kunnen veroorzaken. Participatie betekent eigenlijk in praktische zin: communiceren. De meeste mensen vinden het niet prettig om uit de krant te vernemen dat hun buren gaan verbouwen. Vanuit dat oogpunt is het altijd goed om de buren vooraf mondeling te informeren. Gewoon vanuit goed fatsoen en hoe je zelf ook behandeld wilt worden. Dus mondeling en niet via email. Gemeente, ga het echter niet verplicht stellen en juridisch inkaderen. Dat groeit uit tot een papieren monster: gespreksverslag, reactie op gespreksverslag, processtuk, etc.

Bij grote plannen worden omwonenden nu ook al betrokken in het planproces. Vaak wel te laat. Het betreffende plan is vaak al in grote lijnen gereed en omwonenden mogen tijdens inloopavonden met gele stickers of via een app aangeven wat zij eventueel gewijzigd willen zien. Meestal gaat dit om kleine wijzigingen en voelen mensen zich niet serieus genomen. De meeste aanwezigen op een informatie- of inloopavond zijn vaak erg wantrouwend jegens de gemeente. Wil je mensen echt betrekken bij de planvorming neem ze dan in een zo vroeg stadium mee, anders heeft het weinig zin. Dat laatste wil trouwens ook niet zeggen dat het dan beter gaan verlopen. Er zullen altijd mensen zijn die tegen zijn: de meeste mensen houden namelijk niet van verandering in hun woonomgeving.

Bij kleinere plannen kan het verplichte participeren veel irritatie oproepen. Zonder na te denken of het plan effecten heeft voor de buren wordt door de gemeente participatie verplicht gesteld. Dit kan tot vreselijke situaties leiden. Buren die elkaar al jaren niet kunnen luchten of zien en die om die reden de plannen van de buren gaan dwarsbomen. Ik heb al hele treurige situaties meegemaakt tot aan bewaking toe bij hoorzittingen. Vaak om drogredenen (jaloezie) worden plannen bewust vertraagd door buren en doen ze er vanuit hun frustratie alles aan het plan te dwarsbomen. Het komt helaas heel vaak voor.

Met participatie wordt die mensen een extra platform gegeven om hun frustraties te uiten. Wat levert dit uiteindelijk op? Meestal alleen maar vertraging in het bouwproces!

Inwerkingtreding Omgevingswet update

Inwerkingtreding Omgevingswet update

In de media was de afgelopen dagen volop te lezen dat de beoogde inwerkingtreding van de Omgevingswet en het bijbehorende DSO-LV per 1 januari 2021 in gevaar is. Er worden in het artikel allerlei doemscenario’s in beeld gebracht. Uiteraard zal een ingrijpende wetgevingsoperatie niet vlekkeloos verlopen en zullen er fouten worden gemaakt. De minster maakt per brief van 29 november 2019 duidelijk dat aan de beoogde datum van inwerkingtreding vast wordt gehouden, met dien verstande dat er gekozen is voor een extra tussenstap: per 1 juli 2020 zal worden bepaald of de beoogde datum van inwerkingtreding alsnog haalbaar is.

DSO-LV voortgang

DSO-LV voortgang

Het Digitaal Stelsel Omgevingswet moet ervoor zorgen dat per 1 januari 2021 alle informatie over de leefomgeving op één plek is te vinden: in het Omgevingsloket. Dit stelsel bestaat uit informatie van overheden, zoals gemeenten. Via het DSO-LV worden straks alle omgevingswetbesluiten, toepasbare regels en vergunningaanvragen uitgewisseld met het Omgevingsloket.

Bij brief van 19 november 2019 informeert de minister de Eerste kamer over de voortgang van het DSO-LV. Samenvattend is te lezen dat per 1 oktober 2019 circa 75% van de eisen van het basisniveau is gerealiseerd. De verwachting is dat aan het einde van dit jaar circa 83% is gerealiseerd. Lees meer in voornoemde brief.

Planning Omgevingswet november 2019

Planning Omgevingswet november 2019

Vooralsnog wordt er vastgehouden aan de inwerkingtreding van de Omgevingswet op 1 januari 2021.

De leden van de vaste commissie voor IWO geven bij brief van 15 november 2019 echter aan dat zij geen reden zien om nog langer vast te houden aan de oorspronkelijke parlementaire behandeling. Ze hebben met name aarzeling ten aanzien van het nog dit jaar (2019) plenair afhandelen van één of meer onderdelen van de stelselherziening. Ze wachten onder meer nog op nieuwe informatie tijdens de technische brieving van het DSO-LV op 26 november a.s.

Op 3 december a.s. laten zij de minister weten of ze vasthouden aan de eerder aangegeven planning of dat ze meer tijd nodig hebben. Met name het DSO-LV is een beoogd knelpunt voor de inwerkingtreding.

Lees meer in de brief van 15 november 2019.

Procedure omgevingsplan

Procedure omgevingsplanprocedure omgevingsplan

Aanleiding

De redenen voor een omgevingsplan kunnen zijn:

  • Extern verzoek om wijziging van het omgevingsplan door initiatiefnemer van (bouw)plan (‘partiële wijziging omgevingsplan’.
  • Overeenstemming brengen omgevingsplan vanwege buitenplanse omgevingsplanactiviteit (opa), waarvoor een omgevingsvergunning is verleend.
  • Wijziging omgevingsplan voor (groot) gebied in gemeente vanwege actualisatie.
  • Wijziging omgevingsplan voor gehele grondgebied van de gemeente vanwege wijzigen regels over een specifiek onderwerp.

Partiële wijziging omgevingsplan (thans: ‘postzegelplan’)

Conceptfase en participatie – Al in een vroeg stadium dienen initatiefnemers de omgeving te betrekken in de planvorming via participatie. Het proces is afhankelijk van impact van het plan op de buurt of omgeving, beleid van de gemeente hierover, etc. Er hoeft nog geen concept wijziging van het omgevingsplan gereed te zijn. Er kan bijvoorbeeld met een schets van het plan de wijk in worden gegaan. Vroegtijdig informeren van buurtbewoners of ondernemers kan draagvlak creëren.

Er kan ook gekozen worden om te wachten tot het concept van het omgevingsplan gereed is en hiermee de buurt in te gaan. Ingevolge artikel 10.2, eerste lid Ob dient de raad aan te geven hoe burgers en bedrijven bij de voorbereiding worden betrokken.

De ingekomen reacties van het participatietraject kunnen aanleiding geven om het concept aan te passen (of wellicht niet door te laten gaan). Vanuit de gemeente wordt een actieve houding verwacht om participanten op de hoogte te houden en/of in te lichten over de stand van zaken.

Afhankelijk van het proces (weerstand of problematie) kan het raadzaam zijn de volgende fase van het voorontwerp te kiezen. In deze fase kan dan ook weer een vorm van participatie worden gekozen. Bijvoorbeeld om ook inspraak te verlenen op het voorontwerp.

Ontwerpfase omgevingsplan

Op de voorbereiding van het ontwerp omgevingsplan is afdeling 3.4 Awb van toepassing. Zie artikel 10.3a Ob. Tegen het ontwerp omgevingsplan kan door eenieder zienswijzen worden ingediend gedurende 6 weken. Zie artikel 16.23 lid 1 Ob. De zienswijzen kunnen worden worden opgenomen in een Nota van Zienswijzen.

Vaststellingsfase omgevingsplan

Het omgevingsplan wordt vastgesteld door de raad.

Terinzagelegging vastgesteld omgevingsplan

Op grond van artikel 16.77a Ow wordt een omgevingsplan niet eerder terinzage gelegd dan nadat 2 weken zijn verstreken sinds de dag waarop het omgevingsplan is vastgesteld. De uitzonderingen op deze regel staan in het tweede lid van voornoemd artikel.

Inwerkingtreding Omgevingsplan

Een omgevingsplan treedt in werking met ingang van de dag waarop 4 weken zijn verstreken sinds de dag waarop het besluit ter inzage is gelegd, tenzij in het omgevingsplan een later tijdstip is bepaald. Zie artikel 16.78 Ow.

Beroepsfase

Tegen een vastgesteld omgevingsplan staat beroep open bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.

Omgevingswet per 2021 handige checklist

Omgevingswet per 2021 handige checklist voor gemeenten

De beoogde inwerkingtreding van de Omgevingswet is (nog steeds) 1 januari 2021. Voor gemeenten vergt dat een behoorlijke voorbereiding. Wanneer begin je als organisatie, hoe richt je de betreffende afdelingen in, etc. Er komt heel veel af op gemeenten. Hopelijk krijgen ze hier ook voldoende budget voor.

Vanuit het ministerie is een handige checklist verschenen voor overheden. Wat dient er op voornoemde datum klaar te zijn? Zie 27062019 checklist gemeente.

27 juni 2019

Staalkaart bedrijfsmatige activiteiten stappenplan

Staalkaart bedrijfsmatige activiteiten stappenplan is nu al toe te passen

Om alvast praktijkervaring op te doen met het Omgevingsplan wordt geadviseerd om voortaan voor de onderbouwing van milieuzonering gebruik te maken van het stappenplan, zoals aangegeven in de Staalkaart bedrijfsmatige activiteiten (stap 1 t/m 6). Aan de hand van deze stappen kan een onderbouwing worden gemaakt voor de toelichting van een bestemmingsplan of ruimtelijke onderbouwing. Het stappenplan is opgenomen op p. 24 van de Staalkaart bedrijfsmatige activiteiten. Hierbij het stappenplan in het kort (vrij vertaald):

  1. Wat is de gebiedsfunctie? De staalkaart noemt 3 gebiedsfuncties: bedrijventerrein of ander werkgebied, woongebied en gemengd gebied.
  2. Wil de gemeente bedrijfsmatige activiteiten in het gebied toestaan? Zo ja welke?
  3. Inventariseer de bestaande omgevingsbelasting in het gebied als gevolg van bedrijfsmatige activiteiten.
    De omgevingsbelasting heeft onder meer betrekking op geluid, geur, trillingen en externe veiligheid. De staalkaart noemt de volgende kwaliteitsniveaus: goede kwaliteit, standaardkwaliteit en basiskwaliteit.
  4. Welke ambitie heeft de gemeente over de gewenste omgevingskwaliteit door bedrijfsmatige activiteiten in het gebied?
    Bijv. de acceptatie van een hogere omgevingsbelasting vanwege de aanwezigheid van enkele bedrijven of juist het streven naar een lage omgevingsbelasting omdat de gezondheid van bewoners hier prioriteit heeft? Welke rol wil de gemeente hierin hebben? Sturend of juist consoliderend?
  5. Welke ontwikkelambities heeft de gemeente in het gebied en het naastgelegen gebied?
  6. Welke wettelijke kaders zijn er?
  7. Toedeling van functies en activiteiten aan locaties
  8. Toedeling van regels aan activiteiten.

Besef dat dit stappenplan geen blauwdruk is. De praktijk moet uitwijzen of het stappenplan voldoet of er dat er wellicht andere stappen nodig zijn. Oefen vooral!

Wilt u ondersteund worden bij een onderbouwing inzake milieuzonering aan de hand van dit stappenplan of advies over dit onderwerp?

Bel 010 – 268 0689 voor meer informatie.